Project Edukans: Bobby in India

Terug

Terug van dat prachtige land,

dat prachtige land,

met zoveel schoonheden.

 

Terug van dat prachtige land,

dat prachtige land,

vol ellende.

 

Terug van dat prachtige land,

dat prachtige land,

dat mij heeft geraakt.

 

Terug,

terug van India.

Terug van India zorgt voor veel dubbele gevoelens.

Het gevoel dat ik hier niks kan betekenen.

De realiteit is hard, wij hebben het zo ontzettend goed.

 

Op 21 februari om 4.00u is het dan eindelijk zover. Het land waar ik nachten over heb gedroomd, ga ik nu dan toch echt ontdekken. Vol ideeën over hoe het daar zou zijn, ga ik weg vanaf Schiphol, met het rare gevoel,volgende week is het geen idee meer, maar een herinnering.

Chennai airport, een beleving op zich. Ik stap uit het vliegtuig om 2.00 Indiase tijd. Ik wil vrolijk mijn camera trekken om de man in het militairenpak en zijn massageweer op de foto te zetten, iemand maakt mij op tijd attent, 'Hier mag je geen foto's maken, dan wordt je gelijk opgepakt!' Ik bedenk mij geen twee keer en leg snel mijn camera weg.

 Eenmaal buiten valt er een warme deken over mij heen. Wat een chaos, getoeter, druk door elkaar lopende mensen. 'Wat hebben de mensen nu in hemelsnaam hier te zoeken'? We stappen in een gammel wit busje met daarop 'Incredible India', waarin de stoelen kapot zijn en de ramen niet meer dicht kunnen. Ik duw de vergeelde gordijntjes opzij en kijk mijn ogen uit. 'India leeft!'

 

Elke dag worden we steeds meer geconfronteerd met het harde leven van de Indiase mensen, die het niet hebben getroffen, omdat ze nou eenmaal in een slecht milieu zijn geboren. Maar zo worden we ook iedere dag geconfronteerd met onszelf, opeens is school, een huis en een lekker bed niet meer zo vanzelfsprekend. Geconfronteerd met onze eigen ontevredenheid, worden we met onze neus op de feiten gedrukt. Ons wordt het harde leven getoond, van mensen die door het leven getekend zijn. Mensen die Letterlijk en figuurlijk onder het vuil zitten.

 

 

 

Ik kijk in een 10 meter diepe waterput. Het water is zwart. Zwart geworden, door de jaren heen. 'Is it clean?' De jongens schudden hun hoofd. Met ongeloof kijk ik naar het water, 'Dit water wordt gedronken!'. We lopen door, over een heuvelig pad door de bergen. We komen aan in een dorpje waar veertig families leven. Een dorpje met gele betonnen huisjes, voorzien van een rieten dak. Huisjes van 2 bij 2 meter, waar ze met z'n zevenen wonen. Al gauw staan alle dorpsbewoners om ons heen. Een jongentje van 2 jaar kijkt me verbaasd aan. Zijn gezichtje is vies, opgedroogd snot zit op zijn gezicht. Hij loopt in een kapot en veel te groot onderbroekje, dat al maanden niet gewassen is.

 

 

Het doet mij pijn om dit jongentje zo te zien. Ongeloof roept het in mij op. Deze mensen hebben sinds zeven maanden elektriciteit; dat wil zeggen, één lichtpunt dat midden boven het dorpje hangt. De bewoners sturen hun kind niet naar school, omdat de school een kwartier lopen verderop door de bergen ligt. Daar is helemaal geen elektriciteit. De ouders zijn bang dat hun kinderen ontvoerd worden en gebruikt zullen worden als slaven. In het dorpje worden meisjes nog steeds uitgehuwelijkt. Een meisje van negen jaar is getrouwd met haar neef van eenentwintig. Het meisje heeft al twee keer een ongeboren kind op de wereld gebracht. Ik kijk het meisje, dat je bijna geen meisje meer kan noemen, aan. Ze kijkt levenloos uit haar ogen, door alle pijn van deze wereld, die haar is aangedaan. Vreselijk!!

 

Thuis, probeer ik alles wat ik hen gezien en gehoord rustig op mij in te laten werken. Iedere dag besef ik steeds meer, dat wij het enorm goed hebben. Steeds meer besef ik, dat voor mij niets meer vanzelfsprekend

is. Deze mensen hebben onze hulp hard nodig.

 

 

'One person can make the difference!'

 

 

 

 

 

 

 


Alle materialen op deze website, foto's, teksten enzovoorts, zijn eigendom van CSG Willem de Zwijger en mogen niet zonder toestemming van belanghebbenden worden gebruikt, tenzij dit expliciet anders is aangegeven.